Wat is SBTi: V1.3.1 uitgelegd


5–7 minuten

Steeds meer bedrijven krijgen dezelfde vraag van klanten, opdrachtgevers of ketenpartners: “Hebben jullie SBTi?” Waar het een paar jaar geleden nog vooral iets was voor grote, internationale corporates, zie we nu dat SBTi snel een nieuwe norm wordt binnen hele waardeketens.

Tegelijkertijd roept dat ook vragen op. Want wat ís SBTi eigenlijk concreet? Is het een certificaat, een label, of vooral een manier van werken? En minstens zo belangrijk: wat heb je er als organisatie zelf aan, los van het voldoen aan klantvragen? In dit artikel staan we stil bij de verschillende onderdelen binnen SBTi en waar de eerste focus moet liggen bij het starten hiermee.

Recent is ook de SBTi Corporate Net-Zero Standard version 2 uitgekomen. 2BHonest geeft hier op 23 september 2026 ook een Duurzaam Dialoog over. Meld je interesse via deze link om de uitnodiging te ontvangen.



SBTi (Science Based Targets initiative) is geen certificering die je eenmalig behaalt of lidmaatschap waar je voor betaalt, maar een methodiek met bijbehorende validatie. Het helpt bedrijven om hun uitstoot te reduceren in lijn met klimaatwetenschap (denk: het beperken van opwarming tot 1,5°C). Je stelt doelen op basis van wetenschappelijke scenario’s en laat die vervolgens toetsen door SBTi. Daarmee wordt het niet alleen een ambitie, maar een concreet en extern gevalideerd reductiepad door een onafhankelijke organisatie.

In dit artikel leggen we de huidige Net-Zero standaard (V1.3.1) op een praktische manier uit. We doen dat langs vier bouwstenen die de kern vormen van SBTi: data, targets, transition plan en communicatie. Zo krijg je snel inzicht in wat er van bedrijven wordt verwacht en wat het betekent als jij hiermee aan de slag wilt. In de volgende artikelen in deze reeks over de SBTi, zullen we ook ingaan op V2.0, een vergelijking tussen beiden en je strategische mogelijkheden als bedrijf.

STEK 10 2BHonest

Data: de basis op orde

De basis van SBTi begint bij iets wat op het eerste gezicht eenvoudig lijkt, maar in de praktijk vaak complexer is: een betrouwbare en volledige CO₂‑voetafdruk. Zonder goed inzicht in je uitstoot kun je immers geen geloofwaardige reductiedoelen stellen.

Het startpunt is daarom altijd een broeikasgas‑inventaris (GHG-inventory). Binnen SBTi V1.3.1 betekent dit dat je minimaal 95% van je scope 1 en 2 emissies in kaart brengt — dus de uitstoot uit je eigen activiteiten en energiegebruik. Daarnaast wordt verwacht dat je een volledige scope 3 inventaris opstelt, oftewel alle relevante emissies in je waardeketen, van ingekochte goederen tot transport, gebruik en end‑of‑life van producten. Hiervoor sluit SBTi aan bij de internationaal erkende standaard: het GHG Protocol Corporate Value Chain (Scope 3) Accounting and Reporting Standard.

Targets: waar de SBTi echt om draait

De kern van SBTi zit in de targets: concrete, meetbare doelen om je uitstoot te reduceren in lijn met klimaatwetenschap. Daarbij gaat het niet om één enkel doel, maar om een samenhangende set doelen met duidelijke regels over wat je moet reduceren, hoe snel, en over welke delen van je organisatie.

Korte en lange termijn
SBTi maakt altijd onderscheid tussen twee typen doelen. Near-term targets richten zich op de komende 5 tot 10 jaar en vragen om directe actie. Long-term targets geven richting tot aan 2050, met als doel 90% emissiereductie over de hele keten. De resterende 10% aan emissies moeten worden gedekt met permanente CO2 verwijdering om uiteindelijk op Net-Zero uit te komen.

Welke emissies tellen mee?
Scope 1 en 2 (je eigen operatie en energieverbruik) zijn altijd verplicht en moeten voor minimaal 95% worden gedekt. Scope 3, de emissies in je waardeketen, is verplicht zodra die een significant deel (40% of meer) van je totale footprint vormt. Denk aan ingekochte goederen, transport en het gebruik van je producten.

Hoe meet je?
Je kunt emissies absoluut reduceren (bijvoorbeeld “-42% CO₂ in 2030”) of werken met intensiteitsdoelen per eenheid output. Absolute doelen zijn het meest voorkomend omdat ze direct gekoppeld zijn aan klimaatimpact en het best vergelijkbaar zijn. Intensiteit doelen zijn vaak gangbaar bij snelgroeiende bedrijven maar vereisen specifiekere methodes. Bovendien gelden voor bepaalde sectoren zoals energie, transport en bouw specifieke methodes en ambitieniveaus.

Transitie plan: hoe ga je het doen?

Naast het stellen van targets verwacht SBTi dat bedrijven ook nadenken over de uitvoering daarvan. In versie 1.3.1 is een transition plan nog niet verplicht, maar wel sterk aanbevolen. In de praktijk is het echter moeilijk om zonder zo’n plan geloofwaardig te maken hoe je je doelen gaat behalen. Daarom zal een transitieplan in V2.0 verplicht worden.

Een goed transitieplan beschrijft hoe een organisatie haar uitstoot daadwerkelijk gaat reduceren. Denk aan concrete maatregelen zoals energie-efficiëntie, het verduurzamen van inkoop of het aanpassen van processen. Daarnaast geeft het inzicht in hoe verantwoordelijkheden binnen de organisatie zijn belegd en hoe besluitvorming rondom klimaatdoelen wordt gestuurd. Ook de financiële kant speelt een belangrijke rol: bedrijven laten zien hoe investeringen en kosten bijdragen aan het behalen van de targets.

Communicatie: transparantie over voortgang en doelen

Naast het zetten van doelen en het maken van plannen vraagt SBTi ook om transparantie. Bedrijven moeten hun targets en voortgang openbaar maken, zodat klanten, investeerders en andere stakeholders kunnen volgen of zij daadwerkelijk op koers liggen.

Concreet betekent dit dat goedgekeurde targets binnen zes maanden publiek moeten worden gemaakt. Daarnaast wordt verwacht dat bedrijven jaarlijks rapporteren over hun emissies en de voortgang ten opzichte van hun doelen. In die communicatie moet duidelijk worden welk basisjaar is gekozen, welke reductiepercentages worden nagestreefd en hoe de prestaties zich ontwikkelen binnen scope 1, 2 en 3.

Afsluiting: wat moet je hier nu mee?

Als je vandaag de vraag krijgt of je “SBTi hebt”, is dat geen toevalligheid. Voor steeds meer bedrijven wordt het de nieuwe norm in de keten. Klanten en ketenpartners willen niet alleen zien dát je iets doet aan CO₂, maar ook hóe en of dat aansluit bij internationaal erkende standaarden.

De eerste praktische stap is daarom simpel: zorg dat je inzicht krijgt in je emissies over alle scopes. Zonder dat fundament kun je niet bepalen of SBTi relevant is, laat staan eraan voldoen.

Tegelijkertijd is het goed om realistisch te zijn. SBTi V1.3.1 is goed te doen voor veel organisaties, maar vraagt wel structureel werk: van dataverzameling tot target setting en jaarlijkse rapportage. Het is geen eenmalig traject, maar een doorlopend proces wat aandacht vraagt.

Tot slot: dit is pas het begin. Met de komst van SBTi V2 verschuift de lat duidelijk omhoog met meer detail. Daarover meer in de volgende insight, of schuif aan bij onze Duurzaame Dialoog webinar op 23 september. Meld je aan via de link.


Floor van Oers 1 2BHonest

Meet the expert: Floor van Oers

Consultant
Ik krijg energie van het vinden van praktische oplossingen voor complexe duurzaamheidsvraagstukken.


Lees verder: